Huurders van woningcorporaties die gedwongen moeten verhuizen wegens sloop of
ingrijpende woningverbetering krijgen straks een verhuiskostenvergoeding van
minimaal 5.000 euro. Dat blijkt uit een brief van minister Dekker van VROM aan
de Tweede Kamer. De regeling wordt opgenomen in het Besluit beheer
sociale-huursector (BBSH). Omdat Dekker nu pas begint met de
wetgevingsprocedure, zal de regeling naar verwachting pas medio 2005 in werking
treden.
Het voorstel van de Woonbond om het recht van huurders van particuliere
verhuurders op een verhuiskostenvergoeding te verbeteren door het Burgerlijk
Wetboek te wijzigen, wijst de minister af. Huurders van particulieren en
institutionele beleggers kunnen voorlopig dus geen aanspraak maken op een
enigszins kostendekkende vergoeding. Volgens het BW hebben zij slechts recht op
een ‘tegemoetkoming’ in de kosten.
De kwestie sleept al sinds het najaar van 2001. In het Nationaal Akkoord Wonen
kwamen Aedes, de Vereniging Nederlandse Gemeenten en de Woonbond met elkaar
overeen een landelijke regeling voor verhuiskosten op te gaan stellen. Toen dit
niet lukte beloofde toenmalig staatssecretaris Remkes in april 2002 de kwestie
in het BBSH te zullen regelen. Helaas gooide de val van het kabinet toen roet in
het eten. In november 2002 werd, na tal van acties van de Woonbond, door de
Tweede Kamer de motie Van Gent aangenomen, waarin (toen) minister Kamp om een
vergoeding van 5000 euro werd gevraagd. Bijna anderhalf jaar later voert
minister Dekker de motie eindelijk uit. Een domper op de feestvreugde is dat ze
nu nog ruim een jaar de tijd neemt om het ook echt te regelen. De Woonbond zal
er daarom sterk op aandringen de spoedprocedure te gebruiken, zodat de regeling
nog dit jaar november in werking treedt. Ook zal de Woonbond opnieuw aandringen
op wijziging van het BW. Huurdersorganisaties wordt aangeraden om vooruitlopend
op de regeling opnieuw te gaan onderhandelen over verhuiskostenvergoedingen
onder de 5.000 euro.
In de verhuiskostenregeling die Remkes voor ogen stond, werd onderscheid gemaakt
in drie verschillende soorten vergoedingen: een basisvergoeding van minimaal
3.620 euro (prijspeil 2001), een bedrag voor binnenschilderwerk plus een bedrag
van minimaal 544 euro voor de inrichting van een eventuele tuin. Dekker volgt
deze regeling niet, maar kiest voor één bedrag als minimale vergoeding. Dit
omdat zij ervan uitgaat dat huurders vrijwel altijd kosten zullen maken om de
‘nieuwe’ woning te schilderen. Eén bedrag heeft ook als voordeel dat er
meer ruimte is voor lokaal maatwerk. Dekker stelt dan ook dat reeds gemaakte
afspraken tussen woningcorporaties en huurdersorganisaties kunnen blijven
gelden, míts de bijdrage minimaal 5.000 euro bedraagt.
De Woonbond is blij dat er nu eindelijk een duidelijke ondergrens wordt
geregeld. Wel had Dekker volgens haar eigen redenering over het schilderwerk op
een substantieel hoger bedrag moeten uitkomen, omdat de basisvergoeding plus de
middenvariant van het schilderwerk 6.234 euro bedraagt (prijspeil van 2001).
Daar moeten de prijsstijgingen van 2002, 2003 en uiteindelijk 2004 dan nog bij
worden opgeteld.
(Bron : Nederlandse woonbond dd 29-4-2004)