In de twaalfde eeuw lag de lakennijverheid aan de basis van een razendsnelle ontplooiing van een
nog heel jonge stad met een gunstige ligging aan een rivier en op de grote weg Rijsel-Brugge.
Ieper telde in 1260 maar liefst 40.000 inwoners en werkte zich in een mum van tijd op tot
één van de grootste lakencentra met internationaal afzetgebied. Dankzij dit
groots middeleeuws verleden is Ieper met zijn talrijke gebouwen en monumenten een
cultuurhistorisch pareltje. Wie de geschiedenis en architectonische schoonheid in zijn hart
draagt, kan niet voorbij aan de indrukwekkende lakenhallen met belfort, de
Sint-Maartenskathedraal (Jansenius was ooit bisschop van Ieper), de vestingen en kazematten uit
het Vauban-tijdperk, de gildehuizen, het Vleeshuis, Belle Godshuis, ... .
1914-1918
De Eerste Wereldoorlog betekende voor de stad Ieper het tragische dieptepunt van haar
geschiedenis. Ieper lag, omringd door heuvels en hoogten, in het middelpunt van de boogvormige
frontlijn. Het offer voor het behoud van onze vrijheid was vreselijk : meer dan
één miljoen doden, gewonden en vermisten en een totaal verwoeste stad. Een
zware mokerslag waarvan Ieper zich langzaam maar zeker herstelde. De stad werd in haar
oorspronkelijke stijl wederopgebouwd en herwon haar economische slagkracht. Intussen blijven
talrijke stille getuigen herinneren aan de diepe wonde die '14-'18 in het hart van de stad en de
streek kerfde : authentieke loopgraven in Sanctuary Wood, de dagelijkse Last Post onder de
Menenpoort, In Flanders Field Museum, levensgrote reconstructies van taferelen uit het
oorlogsverleden in het Hooge Crater Museum, St.George's Memorial Church, 170 Britse militaire
begraafplaatsen, de bunkers van John McCrae, waar hij het gedicht 'In Flanders Fields' schreef,
enz.